Klaar met experimenteren, tijd voor opschaling!
“Werken aan positieve impact” was de rode draad tijdens het Lente-akkoord Congres 2025. We moeten niet alleen duurzamer gaan bouwen vanwege het klimaat; actuele maatschappelijke uitdagingen vrágen erom. Het leuke is: het kan al! En het kan betaalbaar. Het vraagt alleen wel om de juiste kennis. Over je eigen rol en invloed, en hoe je samenwerkt.
Met bijdragen van klimaatexpert Tim van Hattum, bestuurlijk aanjager Nicole Maarsen en architect/ondernemer Marc Koehler werd de positieve toon in ieder geval gezet en kwam de focus te liggen op dóén. Onze dank aan deze sprekers, lidbedrijf Hendriks Coppelmans met hun interessante verhaal over de TerugWINwoning en de inspanningen van alle deelnemers aan het Lente-Akkoord 2.0.
Lente-Akkoord 2.0 is een samenwerking van WoningBouwersNL met Aedes, Bouwend Nederland, NEPROM en IVBN. De coalitie van brancheverenigingen wil samen met haar leden een grootschalige verduurzaming van de bouwsector bevorderen. Meer informatie over Lente-Akkoord 2.0 onderaan dit bericht.
Onder andere Anneloes van der Woude en Jannes van Loon waren namens WoningBouwersNL bij het congres aanwezig waarbij Anneloes ook deel uitmaakt van de kern- en stuurgroep.
Verslag Jannes van Loon
Op 4 juni vond het jaarlijkse Lente Akkoord Congres plaats in CIRCL Amsterdam, een uitstekende locatie voor een dag over duurzame bouw. Het indrukwekkende dak van deze locatie is hergebruikt en functioneerde oorspronkelijk als dak van het Luchtvaartmuseum op Schiphol. Het congres bestond uit twee delen: een algemene opening gevolgd door twee rondes van specialistische workshops.
Tim van Hattum, verbonden aan de Wageningen University & Research, opende het congres. Hij schreef onlangs het boek ‘Only Planet’, een positieve verbeelding voor een groene en schone toekomst voor Nederland. Het goede nieuws uit zijn boek is dat het mogelijk is om in de komende tien jaar de transitie te maken en klimaatverandering en biodiversiteitsverlies tegen te gaan. De Europese doelen voor 2030 zijn zelfs in zicht. Cruciaal is wel dat we verbeeldingskracht nodig hebben om positief te laten zien waar we aan bouwen, voor de komende 50+ jaar.
Deze verbeeldingskracht gaf Marc Koehler aan de zaal. Met een uitgebreide visuele toelichting van hun projecten, zoals MaMa Pioneers en Superwood, liet Koehler zien hoe biobased bouwen, vooral met hout, voor hen de dagelijkse praktijk is geworden. In combinatie met modulair bouwen levert dit zeer korte bouwtijden op. Momenteel onderzoeken zij ook hoe bouwers kunnen profiteren van CO2-opslag. Het lijkt erop dat bij hun nieuwste project, Robin Wood, dit voor een enorme financiële meevaller kan zorgen. Hierdoor zouden biobased materialen, die nu vaak nog wat duurder zijn, snel goedkoper kunnen worden dan vervuilende materialen.
In mijn dagelijkse werk als woningmarktonderzoeker doe ik wat minder met duurzame bouwmaterialen. Daarom was de sessie over het Kompas Biobased Bouwkosten erg interessant voor mij om meer gevoel te krijgen bij de ontwikkeling van biobased bouwen. Dit Kompas Biobased Bouwkosten is nog in ontwikkeling maar komt binnenkort beschikbaar via Building Balance als een website met concrete, praktische tips. Centraal in dit kompas staat de vraag: Hoe kun je concurrerend bouwen met biobased materialen? Welke keuzes hebben invloed op de bouw- en investeringskosten? Wat bijvoorbeeld kostenopdrijvend werkt, is het hanteren van verschillende bouwmethodes voor één project. Het advies is dan ook: als je een project in hout wilt bouwen, ga er dan vanaf het begin van uit.
Berri de Jong gaf vervolgens een presentatie over hoe Plegt Vos biobased bouwen in de praktijk brengt. In hun analyse werkt de woningbouw te gefragmenteerd, zowel horizontaal als verticaal, en telkens weer op projectbasis. Zo waren bij de bouw van een woning 11 verschillende partijen betrokken die 22 verschillende bewerkingen deden. Dit kan anders. Bij Plegt Vos zien ze industrialisatie als middel om te integreren, zodat woningen goedkoper kunnen worden en uiteindelijk met hetzelfde personeel drie keer zoveel woningen gebouwd kunnen worden.
Daarbij heeft Plegt Vos gekozen voor hout als hoofdmateriaal, omdat dit makkelijk fabrieksmatig en industrieel te bewerken is. Ze zitten nu al op 34% biobased, waarmee meer CO2 wordt opgeslagen dan tijdens de productie. Ook zorgt modulair bouwen met hout voor een veel lagere uitstoot op de bouwplaats (inclusief stikstof) en maar liefst 80-95% reductie van afval. Om ook lagere bouwkosten te kunnen realiseren, is het cruciaal dat opdrachtgevers en PvE’s het ontwerp van Plegt Vos accepteren en geen aanvullende wensen of eisen stellen. Met andere woorden, meer functioneel uitvragen wat voor soort woning er nodig is.
Over dit meer conceptueel uitvragen door opdrachtgevers ging de tweede sessie die ik bezocht. Een van de eerste webinars die we met WoningBouwersNL organiseerden, ging over het netwerk conceptueel bouwen. Het was erg interessant om te zien hoe, nu zo’n vijf jaar later, de ontwikkeling hiervan is gegaan. Het idee is vrij simpel: in plaats van een gedetailleerd plan van eisen formuleert een opdrachtgever alleen zo basale mogelijke wensen voor een woningbouwproject. Het is vervolgens aan bouwers om allerlei concepten te ontwikkelen die aan deze vraag voldoen. Op deze manier kan een bouwer hetzelfde concept op dezelfde manier aanbieden, en wordt het mogelijk om een veel stabielere bouwstroom te creëren. De sessie was erg interessant en interactief, en deelnemers deelden hun ervaringen. Zo blijkt dit goed te werken, maar is het altijd verstandig om ruimte te houden voor maatwerk binnen een gebiedsontwikkeling. Ook verandert het werk van een architect: veel meer gericht op stedenbouw en de ontwikkeling van het gehele gebied, en veel minder op gebouwniveau, aangezien die concepten al ontworpen zijn door de bouwbedrijven.
Sluit je aan bij Lente-akkoord 2.0
Er verandert veel op het vlak van circulair industrieel bouwen. Het Lente-akkoord Circulair Industrieel Bouwen wil daarin vooroplopen en samen met haar netwerk van koplopers kennis ontwikkelen en uitwisselen met de hele bouwsector. Praktische haalbaarheid, schaalbaarheid en betaalbaarheid staan daarbij centraal. De nieuwe kennis is vrij toegankelijk en wordt breed binnen de bouwsector en onder landelijke en lokale overheden gedeeld.
Ontwikkelaars, beleggers, corporaties en bouwers die samen met het Lente-akkoord willen optrekken en grenzen willen verkennen en verleggen, kunnen zich aansluiten bij het koploper-netwerk via de Lente-akkoord site.
Meer informatie of vragen?
Heeft u naar aanleiding van dit bericht nog vragen of wilt u meer informatie, mail dan naar info@lente-akkoord.nl of bel met Sander Woertman, programmaleider van het Lente-akkoord, op 06-18462853.


